Ons telefoonnummer: 030-293 1500 Ons e-mailadres: info@denvp.nl

Pleegouderwoordenboek

Pleegouderwoordenboek

Als pleegouder krijg je te maken met verschillende vaktermen. Maar wat betekent het allemaal? In dit woordenboek worden veelvoorkomende pleegzorgbegrippen uitgelegd.

  • Bestandspleegzorg

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Een pleegkind kan via een netwerkplaatsing of bestandsplaatsing in een pleeggezin terecht komen. Bij een netwerkplaatsing wordt het kind geplaatst in het netwerk van de ouder(s). Dit kan bij familie, vrienden of kennissen zijn. Bij bestandsplaatsing wordt het kind geplaatst bij voor hem onbekende pleegouders, die gekozen zijn uit het bestand van de pleegzorgaanbieder.

  • Bijzondere curator

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De rechter kan een bijzondere curator benoemen als er een conflict bestaat tussen degene die het gezag uitoefent over het kind en het kind zelf. In sommige gevallen kan er ook een bijzondere curator worden benoemd als er een conflict bestaat tussen twee gezagsdragers en het belang van het kind daardoor in de knel komt. Het moet wel altijd gaan om een wezenlijk conflict over de verzorging en opvoeding van het kind of over zijn of haar vermogen. Voor kleine problemen wordt geen bijzondere curator benoemd. Wanneer een bijzondere curator is benoemd, heeft deze vooral een bemiddelende rol, maar de bijzondere curator kan een kind ook vertegenwoordigen in een procedure bij de rechtbank.

  • Blokkaderecht

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Een pleegkind dat met toestemming van de ouders met gezag of voogd in een pleeggezin is geplaatst en daar één jaar of langer woont, kan alleen uit het pleeggezin worden weggehaald als de pleegouders hiermee instemmen. Als de pleegouders geen toestemming geven - en daarmee dus gebruik maken van hun blokkaderecht - moeten de ouders of voogd deze toestemming aan de rechter vragen.

  • Gecertificeerde instelling

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De gecertificeerde instelling (vroeger: Bureau Jeugdzorg) voert in opdracht van de gemeente een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclasseringsmaatregel uit. Bij de gecertificeerde instelling zijn gezinsvoogden en voogden werkzaam die de kinderbeschermingsmaatregelen uitvoeren.

  • Gedwongen pleegzorgplaatsing

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Er is sprake van een gedwongen pleegzorgplaatsing als de ouder(s) met gezag of de voogd er niet mee instemmen dat het kind in een pleeggezin wordt geplaatst. De pleegzorgplaatsing is gedwongen omdat de rechter heeft bepaald dat het kind in het kader van een kinderbeschermingsmaatregel in een pleeggezin wordt geplaatst. Deze kinderbeschermingsmaatregelen zijn in eerste instantie een ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing. De gezinsvoogd zal het pleegkind met de machtiging uithuisplaatsing in een pleeggezin plaatsen. Wanneer de uithuisplaatsing een aantal jaren voortduurt, kan de kinderbeschermingsmaatregel de gezagsbeëindiging van de ouder(s) zijn, waardoor er een voogd moet worden benoemd over het pleegkind. Deze voogd kan jij zelf zijn als pleegouder (pleegoudervoogd) of een voogd van de gecertificeerde instelling.

  • Geschillenregeling

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Tijdens de ondertoezichtstelling kan er een geschil ontstaan tussen de ouders, kinderen, pleegouders, de pleegzorgaanbieder en de gezinsvoogd of voogd van de gecertificeerde instelling over de aanpak van de problemen door de gecertificeerde instelling. Als het niet lukt om dit geschil in overleg op te lossen en dit een goede samenwerkings- of vertrouwensrelatie bemoeilijkt, dan kan het geschil worden voorgelegd aan de kinderrechter. 
    Een geschil kan worden voorgelegd aan de rechter door de ouder met gezag, het kind van twaalf jaar of ouder, de gecertificeerde instelling, degene die het kind als behorende tot zijn gezin verzorgt en opvoedt (de pleegouders) of de pleegzorgaanbieder. De geschillenregeling moet via een verzoekschriftprocedure aanhangig worden gemaakt, waarbij het verplicht is om een advocaat in te schakelen. Voordat de rechter een beslissing neemt, zal hij bekijken of er mogelijkheden zijn om samen tot een oplossing te komen. Als dat niet lukt, kan de rechter bepalen wat hij in het belang van het kind acht en kan hij concrete aanwijzingen geven over wat er vervolgens moet gebeuren tijdens de uitvoering van de ondertoezichtstelling.  Als de rechter zijn uitspraak heeft gedaan, is het niet mogelijk om hiertegen in beroep te gaan. 

  • Gezag

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Alle minderjarigen staan onder gezag. In de meeste gevallen hebben de ouders het gezag over hun kind, dit heet ouderlijk gezag. Als iemand anders dan de ouders het gezag over een kind heeft, dan heet dit voogdij. Degene die het gezag of voogdij over een kind heeft, is verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van het kind en mag belangrijke beslissingen nemen, bijvoorbeeld waar het kind naar school gaat, waar het moet wonen of welke medische behandeling het kind moet ondergaan.

  • Gezagsbe√ęindigende maatregel

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Het gezag van ouders kan worden beëindigd door de rechter. De rechter doet dit als het kind ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd en de ouders niet in staat zijn om de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding te dragen binnen een voor het kind aanvaardbare termijn óf als de ouders het gezag misbruiken. Wanneer de rechter het gezag van de ouders beëindigt, wordt er een voogd benoemd die voortaan het gezag over het kind heeft.  Dit is meestal een voogd van de gecertificeerde instelling. Maar ook anderen, zoals familieleden of de pleegouders, kunnen de rechter vragen om tot voogd benoemd te worden. Het is mogelijk dat de ouders het gezag terugkrijgen nadat dit door de rechter is beëindigd, maar dat komt niet vaak voor.

  • Gezinsvoogd

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De gezinsvoogd werkt voor de gecertificeerde instelling en voert de ondertoezichtstelling uit. In tegenstelling tot de voogd is de gezinsvoogd niet de wettelijk vertegenwoordiger van het kind omdat het gezag bij een ondertoezichtstelling nog bij de ouder(s) ligt.    

  • Hulpverleningsvariant

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De hulpverleningsvariant is een vorm van pleegzorg waarbij er wordt gewerkt aan terugplaatsing van het kind naar de eigen ouders. De duur van deze plaatsing kan variëren van een paar maanden tot enkele jaren. De huidige insteek is dat de duur in principe niet langer dan twee jaar is, omdat het kind niet zo lang in onzekerheid mag leven over waar zijn toekomst ligt. Na twee jaar uithuisplaatsing zal de Raad voor de Kinderbescherming een advies moeten geven over op welke plek het kind verder moet opgroeien.

  • Jeugdhulpaanbieder

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Een jeugdhulpaanbieder verleent bedrijfsmatig jeugdhulp en doet dit onder de verantwoordelijkheid van de gemeente.

  • Kinderbeschermingsmaatregel

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Een kinderbeschermingsmaatregel wordt opgelegd door de rechter. Dit kan een ondertoezichtstelling of gezagsbeëindigende maatregel zijn.

  • Netwerkplaatsing

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Een pleegkind kan via een bestandsplaatsing of een netwerkplaatsing in een pleeggezin terecht komen. Bij een netwerkplaatsing wordt het pleegkind bij iemand uit het eigen netwerk geplaatst, bijvoorbeeld bij familie of andere bekenden.

  • Ondertoezichtstelling

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De ondertoezichtstelling is een kinderbeschermingsmaatregel die door de rechter wordt opgelegd als er ernstige zorgen zijn om de ontwikkeling van een kind en de ouders de zorg voor hun kind niet of onvoldoende accepteren. De verwachting is wel dat de ouder(s) binnen een voor het kind aanvaardbare termijn het ouderlijk gezag weer volledig kunnen dragen. Bij een ondertoezichtstelling behouden de ouders het gezag over hun kind, maar krijgen zij wel minder over hun kind te zeggen. Er wordt een gezinsvoogd aangesteld die adviezen geeft over de opvoeding en hierover afspraken met de ouders maakt. De ouders zijn verplicht zich hieraan te houden. De ondertoezichtstelling wordt voor maximaal één jaar uitgesproken maar kan telkens met één jaar worden verlengd door de rechter.

  • Opvoedingsvariant

    Laatst gewijzigd op: 21-11-2016

    De opvoedingsvariant is een vorm van pleegzorg waarbij er niet wordt gewerkt aan terugplaatsing van het kind naar de eigen ouders. Het kind blijft tot zijn meerderjarigheid in een pleeggezin wonen.

  • Pleegcontract

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De pleegzorgaanbieder sluit een pleegcontract met een pleegouder. In het pleegcontract moeten in ieder geval afspraken gemaakt worden over de manier waarop de pleegouder het kind verzorgt en opvoedt. Ook moeten er in dit contract afspraken gemaakt worden over de begeleiding die de pleegouder van de pleegzorgaanbieder ontvangt.

  • Pleegouder

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De pleegouder verzorgt een kind, dat niet het eigen kind of stiefkind is. De pleegouder heeft hiervoor een pleegcontract afgesloten met een pleegzorgaanbieder.

  • Pleegoudervoogd

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De pleegoudervoogd is de pleegouder die tevens de voogdij over het kind heeft. 

  • Pleegzorgaanbieder

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De pleegzorgaanbieder is een jeugdhulpaanbieder die pleegzorg biedt.

  • Pleegzorgbegeleider

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De pleegzorgbegeleider werkt voor de pleegzorgaanbieder en begeleidt de pleegouders en het pleegkind.

  • Raad voor de Kinderbescherming

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) kan helpen als een kind ernstig in de knel dreigt te raken. De Raad gaat samen met het kind en de ouders op zoek naar de beste oplossing. De Raad doet ook onderzoek naar de noodzaak van kinderbeschermingsmaatregelen. Als het nodig is, kan de Raad de rechter vragen een kinderbeschermingsmaatregel op te leggen. Tevens controleert de Raad bepaalde besluiten van de gecertificeerde instelling, bijvoorbeeld de besluiten om geen verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling of uithuisplaatsing bij de rechter in te dienen. Dit is een belangrijk besluit, want dit houdt in dat het kind bij de ouder(s) wordt teruggeplaatst.  

  • Schriftelijke aanwijzing

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De gezinsvoogd stelt voor de uitvoering van de ondertoezichtstelling een plan van aanpak op. Hierin zijn de werkdoelen beschreven die tijdens de ondertoezichtstelling behaald moeten worden. Als de ouders en/of het kind niet instemmen met dit plan van aanpak of hieraan niet of onvoldoende meewerken, dan kan de gezinsvoogd hen een schriftelijke aanwijzing geven. De ouders en het kind moeten zich hieraan houden. Doen zij dit niet, dan kan de gezinsvoogd de rechter vragen om de schriftelijke aanwijzing te bekrachtigen. Daarbij kan de gezinsvoogd ook dwangmiddelen vragen (bijvoorbeeld een dwangsom) voor het geval dat de ouders en/of het kind zich niet houden aan de schriftelijke aanwijzing. Wanneer de ouders en/of het kind het niet eens zijn met de schriftelijke aanwijzing, dan kunnen ook zij de rechter vragen of hij de schriftelijke aanwijzing vervallen wil verklaren. Hiervoor hebben zij geen advocaat nodig. Als de rechter een uitspraak heeft gedaan, kan hiertegen geen hoger beroep worden ingesteld. 

  • Uithuisplaatsing

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    De rechter kan, wanneer er een ondertoezichtstelling over een kind is uitgesproken, een machtiging afgeven om een kind uit huis te plaatsen. De rechter doet dit op verzoek van de gezinsvoogd of de Raad voor de Kinderbescherming. De rechter geeft de machtiging uithuisplaatsing af als dit noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van het kind of als er onderzoek nodig is naar de geestelijke of lichamelijke gesteldheid van het kind. De machtiging uithuisplaatsing is geldig voor maximaal één jaar, maar kan steeds met één jaar worden verlengd. 

  • Vertrouwenspersoon

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Het kind, ouders en pleegouders kunnen hulp vragen van een onafhankelijke vertrouwenspersoon als er problemen zijn met de dienstverlening van de pleegzorgaanbieder of de gecertificeerde instelling. De vertrouwenspersoon beantwoordt vragen, geeft advies en ondersteuning en kan helpen in een klachtenprocedure.

  • Voogd

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Een voogd is een ander dan de ouder die het gezag over het kind heeft. In tegenstelling tot de gezinsvoogd, is de voogd de wettelijk vertegenwoordiger van het kind. Meestal werkt de voogd bij de gecertificeerde instelling, maar ook familieleden of de pleegouders kunnen voogd van een kind zijn. Als pleegouders de voogdij hebben, worden zij pleegoudervoogd genoemd.

  • Voogdij

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Er is sprake van voogdij als een ander dan de ouder het gezag over het kind heeft. Meestal is dit een voogd van de gecertificeerde instelling, maar ook familieleden of de pleegouders kunnen de voogdij over een kind hebben. Als pleegouders de voogdij hebben, worden zij pleegoudervoogd genoemd.

  • Vrijwillige pleegzorgplaatsing

    Laatst gewijzigd op: 02-01-2017

    Er is sprake van een vrijwillige pleegzorgplaatsing als de ouder met gezag of de voogd ermee instemt dat het kind in een pleeggezin wordt geplaatst. In dat geval is er geen kinderbeschermingsmaatregel, zoals een ondertoezichtstelling, nodig en komt de rechter er niet aan te pas.

Vraagteken.png

Heb je een vraag over een begrip dat niet in de lijst staat? Laat het ons weten!

Contact

Terug

Sluiten