Ons telefoonnummer: 030-293 1500 Ons e-mailadres: info@denvp.nl

FAQ

Kosten en vergoedingen

  • Welke gemeente is verantwoordelijk voor de kosten van pleegzorg?

    Laatst gewijzigd op: 30-12-2016


    De gemeenten zijn verantwoordelijk voor de kosten van pleegzorg. Om te bepalen welke gemeente de kosten moet betalen, geldt als hoofdregel dat een minderjarige de woonplaats heeft van degene met het ouderlijk gezag. Als er sprake is van een pleegzorgplaatsing in het vrijwillig kader of een ondertoezichtstelling, betekent dit dat de gemeente waar de ouders met gezag wonen verantwoordelijk is. Als beide ouders het gezag hebben, maar in verschillende gemeenten wonen, dan is de gemeente van de ouder verantwoordelijk waar het kind als laatst heeft gewoond.
    Een uitzondering op voornoemde hoofdregel geldt wanneer het pleegkind een voogd van de gecertificeerde instelling heeft of als er sprake is van pleegoudervoogdij. In deze gevallen is de gemeente waar de pleegouders wonen verantwoordelijk voor de kosten van pleegzorg. 
    Tot slot geldt voor een meerderjarige jeugdige die gebruik maakt van voortgezette pleegzorg dat de gemeente waar de jeugdige woont verantwoordelijk is voor de kosten van pleegzorg.          

  • Wanneer ontvang ik een pleegvergoeding en wat is de hoogte hiervan?

    Laatst gewijzigd op: 21-02-2018


    Een pleegouder die een pleegcontract heeft met een pleegzorgaanbieder ontvangt een pleegvergoeding. Deze vergoeding bestaat uit een basisbedrag, dat kan worden vermeerderd met een toeslag, of verminderd met een korting. De hoogte van het basisbedrag wordt jaarlijks vastgesteld. Voor het jaar 2018 gelden de volgende basisbedragen:

    Leeftijd pleegkind  Bedrag per maand  Bedrag per dag 
     0 t/m 8 jaar  €550  €18,04
     9 t/m 11 jaar   €556  €18,28
     12 t/m 15 jaar  €606  €19,19
     16 t/m 17 jaar  €669  €21,98
     18 jaar en ouder  €676  €22,21
  • Kan de pleegvergoeding worden vermeerderd met een toeslag?

    Laatst gewijzigd op: 21-02-2018


    De pleegvergoeding kan worden vermeerderd met een toeslag in de volgende gevallen: 

    • er is sprake van een crisisplaatsing waarbij het pleegkind met spoed bij de pleegouder is geplaatst, gedurende de eerste vier weken van het verblijf van het pleegkind; 
    • zolang bij de pleegouder drie of meer pleegkinderen verblijven, voor het derde en volgende pleegkind.  

    De pleegvergoeding kan ook worden vermeerderd met een toeslag als de pleegouder kosten heeft gemaakt voor een pleegkind met een verstandelijke, zintuiglijke of lichamelijke beperking, voor zover:  

    • deze kosten naar het oordeel van de pleegzorgaanbieder redelijkerwijs noodzakelijk zijn in verband met de beperkingen; 
    • deze kosten niet kunnen worden voldaan uit het basisbedrag, en 
    • daarvoor geen uitkering op grond van een andere regeling kan worden verstrekt. 

    De maximale hoogte van de toeslag wordt jaarlijks vastgesteld door de Rijksoverheid. Voor het jaar 2018 bedraagt de maximale toeslag €3,60 per dag. 

  • Wanneer worden bijzondere kosten vergoed?

    Laatst gewijzigd op: 03-11-2017


    Pleegouders kunnen extra kosten maken die niet betaald kunnen worden uit de pleegvergoeding of toeslag. De pleegzorgaanbieder kan deze bijzondere kosten vergoeden aan de pleegoudervoogd of de pleegouder die een pleegkind opvangt in het kader van een kinderbeschermingsmaatregel, voor zover:

    • de kosten naar het oordeel van de pleegzorgaanbieder redelijkerwijs noodzakelijk zijn en niet voldaan kunnen worden uit de pleegvergoeding of toeslagen; 
    • voor deze kosten geen uitkering op grond van een andere regeling kan worden verstrekt; 
    • de kosten redelijkerwijs niet zijn te verhalen op de onderhoudsplichtige ouders.   

    Wanneer een verzoek tot vergoeding bijzondere kosten door de pleegzorgaanbieder wordt afgewezen, kun je hier bezwaar tegen indienen. Hierbij kun je gebruik maken van onze voorbeeldbrief. Vergeet niet de datum en je adres toe te voegen, de motivering waarom je het niet eens bent met de afwijzing van de vergoeding) en zet 'bezwaarschrift' bovenaan de brief. Voeg ook het kopie van het besluit van de pleegzorgorganisatie toe. Verstuur het bezwaarschrift per fax of per aangetekende post (zodat je een bevestiging van ontvangst krijgt).

    De pleegzorgorganisatie moet binnen zes weken antwoord geven op jouw bezwaarbrief (tenzij ze jou laten weten dat ze er nog vier weken langer voor nodig hebben, dan mogen ze er in totaal tien weken over doen). De pleegzorgaanbieder moet dan het besluit opnieuw afwegen en nogmaals een besluit (beslissing op het bezwaar) nemen.

    Als je het - na de beslissing op het bezwaar - niet eens bent met de beslissing van de pleegzorgaanbieder kun je in beroep bij de bestuursrechter (binnen zes weken nadat je de beslissing op het bezwaar hebt ontvangen). Je moet dan een beroepschrift indienen bij de bestuursrechter, een brief waarin je vertelt waarom je het niet eens bent met de beslissing op het bezwaar van de pleegzorgorganisatie.

    • voeg een kopie van jouw bezwaarbrief en de beslissing van de pleegzorgaanbieder toe
    • vergeet niet de datum en jouw adres toe te voegen
    • vermeld bovenaan de brief duidelijk dat het om een beroepschrift gaat

    Het is gebruikelijk dat de bestuursrechter jou om jouw mening vraagt voordat hij uitspraak doet. De bestuursrechter moet binnen zes weken na sluiting van het onderzoek op jouw beroepschrift beslissen (tenzij de bestuursrechter door bijzondere omstandigheden zes weken langer nodig heeft, want dan wordt het twaalf weken).

    Je hebt hiervoor geen advocaat nodig.

  • Heb ik als pleegouder recht op kinderbijslag?

    Laatst gewijzigd op: 30-12-2016


    Als pleegouder kun je kinderbijslag ontvangen als voldaan is aan alle drie de volgende voorwaarden:

    • niemand anders ontvangt kinderbijslag voor het kind;
    • de pleegouder betaalt de kosten voor het kind en ontvangt géén pleegvergoeding;
    • het kind woont bij de pleegouder in huis en de pleegouder is verantwoordelijk voor de dagelijkse opvoeding en verzorging

    De meeste pleegouders hebben een pleegcontract afgesloten met een pleegzorgaanbieder en ontvangen een pleegvergoeding. Hierdoor hebben zij dus geen recht op kinderbijslag. Vervalt de pleegvergoeding en is voldaan aan de bovenstaande voorwaarden dan heeft de pleegouder wel recht op kinderbijslag. Kinderbijslag kan worden aangevraagd bij de Sociale Verzekeringsbank.

  • Kan ik als pleegouder kinderopvangtoeslag ontvangen?

    Laatst gewijzigd op: 10-11-2017


    De kinderopvangtoeslag is een bijdrage in de kosten van kinderopvang. Pleegouders kunnen kinderopvangtoeslag ontvangen als zij aan de volgende voorwaarden voldoen:   

    • je werkt, volgt een traject naar werk, of doet een opleiding;   
    • je hebt een contract afgesloten met de kinderopvang;  
    • je betaalt zelf een deel van de kosten van de kinderopvang;  
    • je ontvangt een pleegvergoeding of kinderbijslag, of onderhoudt het kind in belangrijke mate;  
    • je pleegkind gaat naar een geregistreerde kinderopvang; 
    • je pleegkind staat ingeschreven op jouw woonadres;  
    • je pleegkind gaat nog niet naar het voortgezet onderwijs. 

    De kinderopvangtoeslag wordt verstrekt door de Belastingdienst. Via Mijn Toeslagen van de Belastingdienst kun je kinderopvangtoeslag aanvragen. 

    Gaat jouw pleegkind naar de peuterspeelzaal? Vanaf 1 januari 2018 kun je ook voor kinderopvangtoeslag in aanmerking komen als je pleegkind naar de peuterspeelzaal gaat. De peuterspeelzaal moet dan geregistreerd zijn als kinderopvang.

  • Heb ik als pleegouder recht op een nabestaandenuitkering?

    Laatst gewijzigd op: 16-08-2018

    Je krijgt een nabestaandenuitkering Anw als:

    • je partner in Nederland woonde of werkte, én
    • je nog niet de AOW-leeftijd hebt, én
    • je op de dag van overlijden van jouw partner aan één van de volgende voorwaarden voldoet:
      • je zorgt voor een kind dat jonger is dan 18 jaar en daar geen pleegzorgvergoeding voor ontvangt of
      • je bent minimaal 45% arbeidsongeschikt

    Het maakt niet uit of je getrouwd was of samenwoonde met de overleden partner. 

    Volgens de Algemene Nabestaandenwet behoort een pleegkind niet tot het huishouden van de pleegouder als de pleegouder een pleegzorgvergoeding ontvangt voor het pleegkind.

  • Heb ik als pleegouder recht op de inkomensafhankelijke combinatiekorting?

    Laatst gewijzigd op: 18-12-2017


    De inkomensafhankelijke combinatiekorting is een extra heffingskorting op de inkomstenbelasting. Dat betekent dat minder belasting en premies hoeven te worden betaald. De korting is bestemd voor alleenstaande ouders, informele pleegouders en minstverdienende partners die een kind onder de twaalf jaar verzorgen. De inkomensafhankelijke combinatiekorting heeft als doel om ouders en verzorgers van jonge kinderen te stimuleren om (meer) te (blijven) werken. De hoogte van de korting hangt af van de hoogte van het inkomen. 

    De Belastingdienst beoordeelt of je in aanmerking komt voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting op grond van de volgende voorwaarden:  

    • (minstens) een kind in het gezin is op 1 januari jonger dan 12 jaar;
    • dit kind staat ten minste 6 maanden in 1 kalenderjaar bij de Basisregistratie Personen ingeschreven op jouw woonadres;
    • je ontvangt geen pleegzorgvergoeding* voor dit kind;
    • je arbeidsinkomen is hoger dan een vastgesteld bedrag of je krijgt de zelfstandigenaftrek of kunt deze krijgen;
    • je bent alleenstaand en werkt, of je hebt een fiscale partner en werkt beiden en je hebt het laagste arbeidsinkomen.

    * Voor pleegouders die voor het kind een pleegvergoeding ontvangen, geldt dat zij géén recht hebben op de inkomensafhankelijke combinatiekorting. Dit blijkt uit een reactie van het ministerie van VWS op Kamervragen. De reden hiervoor is dat een pleegkind niet wordt opgevoed en onderhouden als een eigen kind, omdat er een onkostenvergoeding - de pleegzorgvergoeding - door de overheid wordt verstrekt. Daardoor wordt het pleegkind voor de inkomstenbelasting dus niet gelijkgesteld met een eigen kind. 

  • Heeft het ontvangen van een pleegvergoeding invloed op mijn bijstandsuitkering?

    Laatst gewijzigd op: 21-02-2018


    Wanneer je als pleegouder een pleegvergoeding ontvangt voor een minderjarig pleegkind, dan heeft dit geen invloed op de hoogte van je bijstandsuitkering. De pleegvergoeding wordt door de Belastingdienst niet als inkomen beschouwd en wordt dus niet meegeteld bij het berekenen van de hoogte van de bijstandsuitkering.

    Met ingang van 1 januari 2015 is de kostendelersnorm in de bijstand ingevoerd. Deze kostendelersnorm betekent dat de bijstandsuitkering wordt verlaagd naarmate er meer meerderjarige personen van 21 jaar en ouder in dezelfde woning wonen. Dit geldt ook voor inwonende (voormalige) pleegkinderen. Zie voor meer informatie: de website van de Rijksoverheid.

  • Heeft het ontvangen van een pleegvergoeding invloed op mijn AOW-uitkering?

    Laatst gewijzigd op: 21-02-2018


    Pleegouders die een AOW-uitkering ontvangen, worden niet gekort op de hoogte van hun uitkering omdat zij een pleegvergoeding krijgen. De pleegvergoeding wordt door de Belastingdienst niet als inkomen beschouwd en wordt dus niet meegeteld bij het berekenen van de hoogte van de AOW-uitkering.

    Per 1 juli 2016 is voorzien in een kostendelersnorm in de AOW. Dat betekent dat de AOW-uitkering dan 50 procent (voorheen 70 procent) van het wettelijk minimumloon wordt voor iedere AOW-gerechtigde als hij of zij met één of meer meerderjarige personen van 21 jaar en ouder in dezelfde woning woont. Dit geldt ook voor meerderjarige (voormalige) pleegkinderen. Meer informatie is te vinden op de website van de Sociale Verzekeringsbank (SVB).  

  • Heeft het ontvangen van een pleegvergoeding invloed op een nabestaandenuitkering?

    Laatst gewijzigd op: 11-07-2018


    Als een van de pleegouders overlijdt, kan de nabestaande pleegouder, mits voldaan aan de overige voorwaarden daarvoor, in aanmerking komen voor nabestaandenuitkering. Het ontvangen van een pleegvergoeding heeft geen invloed op de hoogte van de nabestaandenuitkering. 

    Pleegkinderen worden voor de Algemene Nabestaandenwet niet gelijkgesteld aan een kind. Dit betekent dat met het hebben van een pleegkind niet voldaan wordt aan de voorwaarde een kind jonger dan 18 jaar te hebben. 

  • Heeft een wezenuitkering van mijn pleegkind invloed op de pleegvergoeding?

    Laatst gewijzigd op: 30-12-2016


    Wanneer beide ouders van het pleegkind zijn overleden, kan een minderjarig pleegkind in aanmerking komen voor een wezenuitkering. De wezenuitkering wordt aangemerkt als inkomen van het pleegkind, maar de hoogte van de pleegvergoeding wordt hierdoor niet beïnvloed.   

  • Is mijn pleegkind toeslagpartner voor de Belastingdienst?

    Laatst gewijzigd op: 04-05-2018

    Een pleegkind van 18 tot 27 jaar* wordt door de Belastingdienst niet meer gezien als toeslagpartner van de pleegouder, maar dat gaat nog niet automatisch. Pleegouders en pleegkinderen kunnen daarvoor de BelastingTelefoon gratis bellen op 0800 - 0543. 

    * Bekijk hier onder welke voorwaarden een pleegkind toeslagpartner is. 

Bank en verzekeringen

  • Kan ik een bankrekening openen voor mijn pleegkind?

    Laatst gewijzigd op: 30-12-2016

     
    Als pleegouder kan het lastig zijn om een bankrekening te openen voor je pleegkind omdat de ouder(s) met gezag of voogd in principe toestemming moeten geven voor het openen van de bankrekening. Sommige banken maken een uitzondering op deze regel, waardoor het wel mogelijk is om een bankrekening te openen voor een pleegkind zonder toestemming van de ouder(s) met gezag of de voogd.
    Als de bankrekening eenmaal geopend is, kunnen zich ook andere problemen voordoen. Zo hebben alleen de ouder(s) met gezag of de voogd inzage in de bankgegevens. Als pleegouder heb je dit niet en ben je dus afhankelijk van de ouder(s) met gezag of de voogd of zij jou wel of geen inzage in de bankgegevens bieden. Een ander mogelijk probleem betreft het feit dat degene met gezag het vermogen van je pleegkind beheert. Deze persoon kan geld op de bankrekening zetten, maar dit er ook afhalen. Dit kan in sommige gevallen een risico vormen. Je kunt er dan voor kiezen om een bankrekening op jouw naam ten behoeve van je pleegkind te openen. Zo behoud je als pleegouder de zeggenschap over de bankrekening van je pleegkind. Houd er wel rekening mee dat het bedrag dat op de rekening staat, wordt meegeteld bij jouw inkomen en je hierover belasting moet betalen. 

  • Wie moet een zorgverzekering afsluiten voor mijn pleegkind?

    Laatst gewijzigd op: 30-12-2016

    Iedereen die in Nederland woont, is wettelijk verplicht om een basiszorgverzekering te hebben die de kosten dekt van bijvoorbeeld de huisarts, het ziekenhuis of de apotheek. De zorgverzekering voor een pleegkind moet worden afgesloten door degene die het gezag of de voogdij over het kind heeft. Voor een pleegkind dat in het vrijwillig kader in een pleeggezin is geplaatst, moet de ziektekostenverzekering worden afgesloten door de ouder(s). Ditzelfde geldt voor een pleegkind dat met een ondertoezichtstelling in het pleeggezin is geplaatst. Voor een pleegkind dat onder voogdij van de gecertificeerde instelling staat, moet de verzekering worden afgesloten door de gecertificeerde instelling. Indien de pleegouders de voogdij over het kind hebben, zijn zij verantwoordelijk voor het afsluiten van de ziektekostenverzekering.

    Gecertificeerde instellingen hebben een collectieve zorgverzekering bij VGZ afgesloten voor pleegkinderen met een kinderbeschermingsmaatregel (ondertoezichtstelling of voogdij). Deze zorgverzekering geldt niet bij een vrijwillige plaatsing in een pleeggezin of bij pleegoudervoogdij. De gecertificeerde instelling sluit de zorgverzekering af voor het pleegkind en betaalt ook de kosten voor de verzekering. Als je toch een nota ontvangt, kun je die declareren bij de gecertificeerde instelling. Voeg het declaratieformulier bij en de originele nota’s. Maak voor de zekerheid kopieën van deze nota’s en wacht niet te lang: declareer nota’s in ieder geval binnen één jaar. Als de kinderbeschermingsmaatregel (ondertoezichtstelling of voogdij) eindigt, eindigt ook de zorgverzekering. De polis van de zorgverzekering is te vinden op de website van VGZ.

  • Wie is wettelijk aansprakelijk voor de schade die mijn pleegkind veroorzaakt?

    Laatst gewijzigd op: 30-12-2016


    Het is afhankelijk van de leeftijd van het pleegkind, wie er wettelijk aansprakelijk is voor de schade die door het pleegkind is veroorzaakt.
    Als het pleegkind jonger is dan 14 jaar, is degene die het ouderlijk gezag of de voogdij heeft aansprakelijk voor de schade. Deze schade wordt vergoed wanneer er een aansprakelijkheidsverzekering (WA-verzekering) is afgesloten voor het pleegkind. Het is belangrijk om, wanneer het pleegkind bij u wordt geplaatst, na te gaan of deze verzekering is afgesloten en de premies worden betaald.
    Is het pleegkind 14 of 15 jaar, dan geldt ook dat degene met gezag of de voogd aansprakelijk is voor de schade, tenzij het de ouder of voogd niet kan worden verweten dat zij het gedrag van het kind niet hebben voorkomen. In dat geval is het pleegkind van 14 of 15 jaar zelf aansprakelijk voor de schade. 
    Pleegkinderen van 16 en 17 jaar zijn zelf aansprakelijk voor de schade die zij veroorzaken. De schade die door minderjarigen wordt veroorzaakt, valt overigens vaak nog wel onder de aansprakelijkheidsverzekering van de ouders of voogd waardoor het pleegkind de schade niet zelf hoeft te vergoeden.  

Terug naar overzicht

Sluiten